Fenomenologische bibliotheek 9 - Edmund Husserl

Verena Mayer

Houd bij welke boeken je hebt gelezen. En welke je nog wilt lezen. Maak een account aan

Fenomenologische bibliotheek 9 - Edmund Husserl 1e druk is een boek van Verena Mayer uitgegeven bij Uitgeverij Abraxas. ISBN 9789079133055 Edmund Husserl (1859-1938) is een van de meest invloedrijke filosofen ooit en grondlegger van de fenomenologie. Alles wat wij door middel van ons bewustzijn kunnen kennen - denkend, ervarend, voorstellend of waarderend - heeft Husserl 'fenomenen' genoemd. Fenomenologie is bij hem een wezensleer van het bewustzijn en zijn objecten. Het is een stroming die ook in de pedagogiek, psychologie en sociologie ingang heeft gevonden. De fenomenologie, de leer der verschijnselen, staat tussen de vermelding van een chaotisch aantal feiten en de doorgevoerde abstractie van een alomvattend waardeoordeel in. Zij probeert structuren te zien in de verwarrende berichtenstroom, maar stelt het oordeel nog even uit. Er moet ruimte komen voordat de beslissingen vallen. Fenomenologie kan de wetenschap van het tussenrijk genoemd worden want zij voert een rechtmatig interregnum. Nadat de gegevens zijn samengebracht en voordat de systematische ordening en definitieve beslissingen kunnen inzetten, komt haar de leiding toe in de geestelijke bezinning. Zij leeft tussen de empirische werkelijkheid en de waarheidsvraag. Fenomenologie wil niet oordelen, interpreteren of vertalen, maar begrijpen. Fenomenologie is de wetenschap van het zuivere bewustzijn. Het is een denken zonder vooroordelen dat verschijnselen en mensen in hun eigenwaarde tot hun recht wil laten komen. Het is een zuivere benadering, van mens tot mens, van geest tot geest. Zelden beperken wij ons ertoe om de verschijnselen waar te nemen zonder in te grijpen. Wij hebben de neiging om actief op te treden en te gaan experimenteren. We veranderen de biotische omstandigheden en dan mag de vraag gesteld worden in hoeverre we uit de zo verkregen data conclusies mogen trekken over het verloop dat de verschijnselen gehad zouden hebben, als wij er ons er n et mee hadden bemoeid. Omringd door een kunstmatige wereld is de onbevangen kijk, waarmee de archa sche mens de natuur aanschouwde, uit het zicht verdwenen.